Loading...

Jos Kunst - Solo identity II

113 views

Loading...

Loading...

Rating is available when the video has been rented.
This feature is not available right now. Please try again later.
Published on Oct 11, 2014

Jos Kunst (1936-1996)

Solo identity II : for piano (1973)

Frank Denyer, piano

dedicated to Harry Sparnaay


Program note (Dutch): Solo Identity 2 voor piano is, zoals de nummering al aangeeft, het tweede stuk van een cyclus, de 'No Time' cyclus. Het eerste is een stuk voor basklarinet solo, het derde is de combinatie van de eerste twee, en het duikt bovendien weer op in de tweede helft van het vierde, dat het instrumentarium uitbreidt met andere klarinetten en met slagwerk. Doel van al deze hercombinaties is het radicaal veranderen van de werking van muzikale materialen, niet door iets aan de noten te veranderen, maar door ze met andere noten in contact te brengen. Alle vier stukken kunnen ook zelfstandig worden gespeeld. Het pianostuk in zijn soloversie probeert een soort 'gehandicapte pianist' neer te zetten, een pianist wiens handen, lijkt het wel, aan elkaar zijn gegroeid tot één grote brede hand met minstens tien vingers. Dat leidt tot een manier van muziek maken waarin voortdurend dingen worden geïnitieerd, perspectieven lijken te worden geopend, maar waarin de uiteindelijk bereikte muzikale kracht er een is die helemaal los staat van die voortdurend weer losgelaten initiatieven en perspectieven, een soort onverzettelijkheid van de speler die zich zijn oorspronkelijke en quasi-lijfelijke energie en inventiviteit nooit zal laten ontnemen.

Jos Kunst was a Dutch composer, musicologist and poet. He studied Roman languages and literature before studying composition with Joep Straesser and Ton de Leeuw at the Amsterdam Conservatory. He was awarded the Composition Prize in 1970 and went on to study sonology at the University of Utrecht.
As a composer he was attracted by the extremist approach to sound and structure taken by composers such as Varèse, Webern and Xenakis. In pieces like Insecten (1966, awarded the AVRO prize at the Gaudeamus music week, 1967), Arboreal (1968, awarded first prize at the Gaudeamus music week, 1968) and Elements of Logic (1972, composed in collaboration with Vriend), Kunst, in pursuit of Xenakis, employed his knowledge of mathematical and logical theories. Underlying this approach was his conviction that complex music could be a tool to help the emancipation of the lower social classes. Partly because of the lack of social response to his austere and structural music, from musicians and audiences alike, he stopped composing between 1975 and 1989.
In 1976 he began teaching 20th-century music at the musicology department at the University of Utrecht. In 1978 he obtained the doctorate with a brilliant thesis Making Sense in Music: an Enquiry into the Formal Pragmatics of Art. A first attempt to formalize the process of aesthetic perception by the listener, the work made extensive use of mathematical formulae. Due to, again, lack of response, Kunst withdrew from teaching in 1989, after having formulated his ideas in a more colloquial style in Filosofie van de Muziekwetenschap (Leiden, 1988), and began to compose again. His music remained austere and non-tonal, but he also allowed repetition, tonal direction and warm sound colours (Concertino, 1994–1995). His creativity and intelligence were always driven by the ambition to prove himself solely by quality and integrity. Never an accessible artist and scientist, he was a profound thinker whose influence has not as yet been accorded its full value.

Loading...

Advertisement
When autoplay is enabled, a suggested video will automatically play next.

Up next


to add this to Watch Later

Add to

Loading playlists...