Een dame in Teheran improviseert vanaf een dak een sterk gedicht bij elkaar.
(vertaling Joost Baars met hulp van Nafiss Nia)
Morgen, zaterdag
Morgen komt het erop aan.
Vannacht klinkt het Allah-o Akbar luider en luider dan in voorgaande nachten.
Waar is dit?
Waar elke deur gesloten is, waar is dit?
Waar mensen simpelweg God aanroepen, waar is dit?
Waar het het Allah-o Akbar luider en luider klinkt, waar is dit?
Ik blijf elke nacht op om te zien of het luider en luider wordt en of er meer en meer verschijnen.
Het ontzet me.
Ik vraag me af of God ontzet is.
Waar zoveel mensen ingesloten zitten, waar is dit?
Waar niemand ons komt helpen, waar is dit?
Waar we alleen met onze stilte onze stemmen de wereld in sturen, waar is dit?
Waar de jongeren bloed verliezen waarna de mensen gaan bidden, waar is dit?
Bidden, met datzelfde bloed onder hun voeten
Waar de burgers tuig worden genoemd, waar is dit?
Waar is dit? Wil je dat ik het zeg?
Dit is Iran.
Waar we thuis zijn, jij en ik.
Dit is Iran.
Link to this comment:
All Comments (0)