|
morris82xxx favorited a video
(2 months ago)

Renato Carosone nasce a Napoli il 3 gennaio 1920, primo di altri due fra...
more
Renato Carosone nasce a Napoli il 3 gennaio 1920, primo di altri due fratelli, Olga e Ottavio. Inizia prestissimo a studiare musica per volontà del padre, l'11 maggio 1935 suona il pianoforte in un teatrino dell'Opera dei Pupi, lavora presso la casa editrice E. A. Mario come "ripassatore", insegnando cioè le nuove canzoni ai cantanti, e nel 1937 si diploma in pianoforte presso il Conservatorio di San Pietro a Majella. Viene scritturato da una compagnia di arte varia, con cui si imbarca per l'Africa Orientale Italiana; quando la compagnia si scioglie, Carosone rimane tra Massaua e Addis Abeba per nove anni, prestando anche servizio militare per la Seconda guerra mondiale al fronte della Somalia Italiana. Suona in varie formazioni, conosce la futura moglie Lita, che gli darà il figlio Pino, e nel 1946 torna a Napoli. Contro le aspettative del padre Antonio, impresario al Teatro Mercadante, si trasferisce a Roma ottenendo una buona notorietà nell'ambiente musicale. La notorietà dell'artista aumenta negli anni Cinquanta, durante le stagioni della Bussola di Focette, in Versilia, diretta da Sergio Bernardini e inaugurata il 4 giugno 1955. Nel frattempo, compaiono sul mercato i primi long playing. Il primo successo commerciale dell'artista napoletano è Maruzzella (1955), musica di Carosone e testo di Enzo Bonagura. Le successive incisioni, soprattutto quelle composte assieme al paroliere napoletano Nisa, pseudonimo di Nicola Salerno - O suspiro (1956), Torero (1957), O sarracino (1958) e Caravan Petrol (1958) - conquistano le classifiche di vendita europee e nordamericane. Della sola Torero, rimasta per due settimane al primo posto della hit parade statunitense, si conoscono più di trenta incisioni americane e dodici tradizioni in altrettante lingue. Quelli di Renato Carosone sono concerti-spettacolo, dove ai testi ironici di Nisa fanno da contrappunto le performance comiche di Gegè Di Giacomo, spesso concluse dal totale coinvolgimento del pubblico, e le melodie di Carosone, mutuate dal jazz e dallo swing mescolate ai ritmi più diversi.
Lionel Hampton è stato il vibrafonista della swing era, della tradizione, delle vulcaniche performance, supportate da un'orchestra percussiva, trascinante, fluviale nell'impeto. Hampton esordisce suonando la batteria in gruppi non proprio famosi della West Coast. Durante una seduta di registrazione con Louis Armstrong gli viene chiesto di suonare il vibrafono; con questo episodio inizia negli anni trenta l'ancora anonima carriera di Hampton. Nel 1936 Benny Goodman lo va a sentire nel locale dove si esibisce a Los Angeles. Immediatamente lo scrittura per delle incisioni e sei mesi dopo lo accoglie nella sua orchestra. Hampton diviene subito una star e nel 1938 prende parte al famoso concerto di Goodman alla Carneige Hall. Nel 1937 firma con la label Victor e produce una serie di registrazioni importanti a suo nome. Nel 1940 forma la prima orchestra, che resterà attiva fino agli anni novanta. Nel 1942 incide un famoso hit intitolato Flying Home; al sax tenore c'è Illinois Jacquet. Hampton continua su questo versante adattando l'orchestra, ma senza snaturarla, alle influenze bebop. Sotto la sua direzione passano jazzisti che diventeranno a breve famosi come Dinah Washington, Dexter Gordon, Charles Mingus, Johnny Griffin, Lucky Thompson e Fats Navarro. Durante gli anni cinquanta la band ondeggia per problemi economici e lui si dedica alle collaborazioni con Benny Goodman e Art Tatum. Da ora in poi Hampton riproporrà sempre con grande forza ed entusiasmo la musica che lo ha reso famoso, incurante dei cambiamenti avvenuti nel jazz e delle mode che hanno irreversibilmente trasformato il panorama musicale.
less
|
|
|
morris82xxx favorited a video
(2 months ago)

,Mertzo Lagrené: gitaar Willy Lagrené: accordeon, zangLagrené Voor Zigeu...
more
,Mertzo Lagrené: gitaar Willy Lagrené: accordeon, zangLagrené Voor Zigeuners is muziek maken synoniem met het creeeren van iets nieuws. Het was in Toulon in 1931 dat de jonge Django Reinhardt voor het eerst kennismaakte met de muziek van Duke Ellington en Louis Armstrong. Spoedig daarna werd deze reizende cafémuzikant die gewend was eigentijdse populaire muziek te vertolken een van de grootste muzikale genieen van deze tijd. Toen de swing het gedurende de Tweede Wereldoorlog overnam van de musette nam de gitaar de plaats in van de zes-snarige banjo. Onder invloed van Django Reinhardt maakte een hele generatie zigeunermuzikanten zich de stijl van de swing eigen. Erfgenamen van de Hot Club de France zijn nu te vinden in Frankrijk, Nederland, Noorwegen en Duitsland waar ze de musette afwisselen met swing.Muziek is al eeuwen lang de taal van Sinti. Hun muziek gaat over van vader op zoon. Zo ook bij het Lagrené Ensemble. Willy Lagrené (accordeon, gitaar en zang) richt zijn ensemble op in 1988 met zijn drie zonen: Amo Lagrené (piano), Mertzo Lagrené (gitaar) en Mogli Lagrené (contrabas). Ze spelen vooral op evenementen, openingen en feesten in Nederland en België. In april van 2002 presenteert het Lagrené Ensemble hun debuut cd op het podium van Cultureel Centrum de Effenaar in Eindhoven.
In het voorjaar van 2003 komt Willy's broer Albert de groep versterken op drums en percussie. Tegenwoordig speelt het ensemble op internationale podia van festivals en congressen maar ook op de kleinere podia laat deze unieke muzikale familie een geweldige indruk achter.
De muziek van het Lagrené Ensemble is doortrokken van internationale invloeden. Verwant aan de legendarische Birelli Lagrené, die al sinds jaar en dag een vertolker is van de gipsyjazz in de stijl van Django Reinhardt, voegt Het Lagrené Ensemble een vleugje tango toe aan de onvervalste zigeunerjazz. Zo heeft het ensemble een prachtige bewerking van het wereldberoemde 'Noniño' van Astor Piazolla op haar naam staan.
'Romani Jaak' is de eerste eigen compositie die het Lagrené Ensemble op de verzamel-cd 'Weile Meer Sinti Ham' vertolkt. Zelf gecomponeerd, gepassioneerd en melancholisch werk siert hun debuut-cd 'Take me'. Verrassende eigen composities tonen de veelzijdigheid en muzikale kwaliteiten van Het Lagrené Ensemble.
Natuurlijk ontbreken Sinti-klassiekers als 'Chawo' en 'U Letzko Curko', gezongen in de eigen taal (het Sinti-Romanes) niet!
In mei 2003 speelde de band op het fameuze Khamoro World Roma Festival van Praag i.h.k.v. de Europese toetreding van Tsjechië. In jazzclub Lucerna, tijdens de presentatie van de festival-cd, speelde ze in aanwezigheid van de presidents vrouw van Tsjechië en ook gaven ze een concert in de beroemde jazzclub Reduta waar Bill Clinton en Havel ooit nog hun muzikale kunsten vertoonden.
Het Lagrené Ensemble wordt gevormd door:
Willy Lagrené: accordeon, zang
Amo Lagrené: piano
Mertzo Lagrené: gitaar
Mogli Lagrené: contrabas
Albert Lagrené: drums en percussie
CD: 'Take Me' (Februari 2002) Muziek gaat over van Vader op Zoon, zo ook bij het Lagren?Ensemble.
Willy Lagren?(accordeon, gitaar, zang, en piano) richt in 1988 zijn ensemble op met zijn drie zonen: Amo Lagren?(piano), Mertzo Lagren?(gitaar) en Mogli Lagren?(contrabas).
Hun muziek is doortrokken van internationale invloeden. Naast vertolkingen van werken van Piazzolla brengen ze zelfgecomponeerde, gepassioneerde en melancholische tango?s. Ook laten ze Gipsy swing horen met o.a. verwijzingen naar de beroemde Bireli Lagren?
De beroemde Sinti-klassiekers ?Chawo? en ?U letsko curko? worden gezongen in hun eigen taal, het Sinti-Romanes.
Naast de karakteristieke razende tempi is het ?ongeschoolde?, rauwe en virtuoze karakter van hun optredens authentiek. Maar ook de romantiek komt ruim aan bod. Zoals de tango door het leven gaat, zo drukken de Lagren? hun vreugde, verdriet, verlies, liefde teleurstelling en kracht in hun muziek uit.
Het succes van hun CD ?Take me? zal in Landgraaf niet onopgemerkt blijven, menige brok in de keel zal getuigen van het vuur in hun spel waardoor iedereen vroeg of laat gegrepen zal worden?
?lagrene ensemble !!!!!!!!
less
|
|